Agenda   |  
Zoeken
 

Mijn roeping: Anton ten Klooster

Thuis voelen in de kerk?
(Anton ten Klooster is 29 mei 2010 priester gewijd)

Het was een vreemd gevoel, op die warme vrijdagmiddag in Rome. Buiten was het druk: auto’s gierden over de rotonde terwijl voetgangers renden voor hun leven. In de winkels langs de weg werden aanstekers, asbakken, waaiers en koffiemokken verkocht met een afbeelding van de Maagd Maria. Maar binnen… binnen was het opeens stil. De zon scheen door de gekleurde ruiten, zoals al zovele eeuwen. Het goud van de mozaïeken fonkelde in het felle licht. Hier was het stil, hier werd gebeden. Hier… hier ben ik thuis!

Vooruit, het klinkt misschien erg gelikt. Maar zo voelde het wel! Op 27 april 2001 liep ik de Santa Maria Maggiore binnen en ik voelde me er meteen thuis. En dat was bijzonder, want eigenlijk voelde ik me helemaal niet thuis in de kerk. Al was ik net 17 jaar oud, ik had het geloof al een paar keer eerder van me afgeschud. Toen ik niet meer op een trapveldje deed alsof ik Dennis Bergkamp was, voelde ik me ook te oud om nog in God te geloven. Waarom zou je ook? We kunnen tenslotte op elke vraag wel een wetenschappelijk antwoord geven.

Maar na een paar jaar begon er toch wat te knagen. Ook met de wetenschap hou je altijd nog vragen over. Want waar draait het dan eigenlijk om in het leven? Kennelijk zijn we maar toevallig hier, we gaan een paar jaar mee, gaan dood en dat was het dan. Ben ik dan echt niets meer dan wat aan elkaar hangende organen, samengehouden door huid en botten? Nee! Dat was het antwoord dat ik in Rome kreeg. Nee, ik ben niet zomaar iets. God kent me. Hier, in deze kerk, kom ik thuis. Het is moeilijk voor te stellen, maar in die kerk aan de drukke rotonde wist ik dat opeens.

Daar sta je dan in Rome. Opeens bewust van de liefde van God. Wat moest ik daar nou weer mee? Ik keek nog wat rond en zag opeens “Nederlands” op een bordje staan. Dat bordje zat vast aan de biechtstoel van een grijzende Vlaamse pater in een witte pij. Zou hij me kunnen vertellen wat hier aan de hand is? “Pater,” hoorde ik mezelf zeggen, “ik wil wel geloven, maar ik kan het volgens mij niet. Deze kerk is zo mooi, en buiten zitten mensen te bedelen.” Zijn antwoord? Ja, de kerk is mooi en we zorgen net zo goed voor de bedelaars als voor de kerk. Vanavond staat er weer een warme maaltijd voor ze klaar. En zo brak mijn laatste restje weerstand. Zomaar op een warme middag in Rome.

Vanaf dat moment heb ik me eigenlijk altijd thuis gevoeld in de Rooms-Katholieke Kerk. Al snel ben ik er ook bij gaan horen, door het sacrament van het Vormsel. Eigenlijk wist ik meteen al dat ik er daarmee nog niet was. Er zijn nog zoveel meer mensen op zoek, net als ik dat eigenlijk was. Maar wie gaat ze verder helpen? Zoals die pater in Rome mij geholpen heeft, zo wil ik anderen helpen op hun weg naar God. Dat kan door mensen te ontmoeten en naar ze te luisteren. Maar ook heel bijzonder door ze iets van Gods aanwezigheid te laten beleven in de sacramenten. Als priester wil ik mensen laten zien dat Jezus dichtbij is in de Eucharistie, dat Hij zonden vergeeft en geneest in het sacrament van Boete en Verzoening. Zo kan iedereen zich thuis voelen in de kerk!